Uitfasering R22
Vanaf 2010 verbiedt de EU regelgeving voor
ozonaantastende stoffen het gebruik van CFK’s in het algemene
onderhoud. Vanaf 2015 zal ook elke andere toepassing van
CFK’s verboden worden. De nieuwe regelgeving betreft vooral
bedrijven die veel met CFK’s werken. Vaak in uiteenlopende
toepassingen, zoals proceskoeling en industriële koelinstallaties.
Zij zullen het lage temperatuur koudemiddel uit hun processen
moeten verwijderen en het vervangen.
Edwin van Opijnen is sales
manager bij Aggreko. Hij vertelt over de gevolgen voor bedrijven in
de praktijk en hoe de verhuurder is omgegaan met de eigen
verhuurvloot aan chillers. “Hoewel het nog steeds niet duidelijk is
in welke mate CFK’s de opwarming van de aarde precies beïnvloedt,
merken we dat veel bedrijven bijtijds zijn begonnen met het nemen
van maatregelen. Toch zullen er nog heel wat slagen gemaakt moeten
worden om de CFK’s vanaf 2015 volledig uit te bannen.”
Retrofitten
Van Opijnen ziet een aantal
mogelijkheden om CFK’s te verwijderen uit de processen. “De
belangrijkste is het retrofitten van de systemen en het vervangen
van de CFK’s met een geschikt koudemiddel zoals R407c of R404a.
Daarvoor zul je sommige onderdelen moeten upgraden. Een tweede
mogelijkheid is het vervangen van de complete installatie. Hier
kiest de meerderheid van de bedrijven voor, vanwege de
onvoorspelbare kosten voor onderhoud en reparatie van de
geretrofitte koelinstallatie. Door een nieuwe installatie te
plaatsen krijgen bedrijven trouwens een unieke kans om de bestaande
processen efficiënter in te richten. Je moet er dan wel voor zorgen
dat de bedrijfsactiviteiten zo min mogelijk hinder ondervinden van
de inpassing van de nieuwe installatie in het systeem. Je moet
gedurende een dergelijk project effectief en efficiënt gebruik
kunnen blijven maken van het bestaande proces.”
Eigen vloot eerst
Als
voorbeeld noemt Van Opijnen de eigen verhuurvloot van Aggreko.
Wereldwijd gaat het om zo’n 850 chillers, samen goed voor 280MW aan
koelcapaciteit. “Bij het retrofitten van onze chillers, een paar
jaar geleden, hebben we uitvoerig getest. Hierbij werden de CFK’s
vervangen door R407c en hebben engineers de toestellen steeds op
beide koudemiddelen gebenchmarked. Dat gaf uiteindelijk een
prestatieverlies van zo’n 10 à 15 procent. Daarnaast hebben we de
kosten voor het vervangen van onderdelen zoals compressoren en
filters geanalyseerd. En we hebben een inschatting gemaakt van de
prijsontwikkeling van koudemiddelen met CFK’s. Die worden steeds
duurder naarmate ze schaarser worden. Helemaal na de deadline van
2010, dan zullen bedrijven ook de hergebruikte middelen duur gaan
betalen. Uiteindelijk heeft Aggreko, na de technische en financiële
analyse, in 2002 besloten om te investeren in nieuwe,
milieuvriendelijke chillers. Alle chillers tussen de acht en tien
jaar oud zijn toen vervangen. Tegenwoordig gebruiken we in 95
procent van onze chillers R407c of R404a. De overige vijf procent
wordt nog voor 2010 vervangen.”
Draaien op dezelfde
condities
Een verwijderingsoperatie
gaat een bedrijf niet in de koude kleren zitten. Van Opijnen weet
uit ervaring dat een soepele overgang erg belangrijk is om
downtime te minimaliseren. “De volledige verwijdering van
CFK’s moet je op een operationele plant echt zorgvuldig
organiseren. Het is en blijft een kwestie van interne communicatie
en een goede voorbereiding op wat komen gaat. Stel vast wat je
precies nodig hebt om zonder vertraging door te kunnen draaien,
tijdens het afwikkelen van het verwijderingsprogramma. Welke
processen hebben een back-up voorziening nodig, of juist extra
koelcapaciteit? Bij sommige klanten hebben we gemerkt dat er gas
ontsnapt, door het verschil in molecuulgrootte van de verschillende
koudemiddelen. In zulke gevallen kan een stand-by chiller ervoor
zorgen dat je bedrijfsprocessen geen vertraging oplopen. Bij andere
klanten hebben we juist gezien dat er aanvullende koelcapaciteit
nodig was bij het wisselen van de koudemiddelen, om het
prestatieverlies te compenseren. Huren kan de ideale oplossing
zijn, als je op dezelfde condities wilt blijven draaien.”
Voeding op de juiste plek
Een tijdelijke koelunit plaatsen is geen
kwestie van even een blauwe doos neerzetten. Op de plant moet men
zo min mogelijk hinder ondervinden van de werkzaamheden. Van
Opijnen: “Let op de positie van de hydraulische aansluitingen en de
stroombron. Als je die vlakbij hebt, ben je vrij in het bepalen van
de positie van de chiller en kun je het beste uit een systeem
halen. Aggreko heeft veel ervaring in het opstellen van dergelijke
systemen. Je kunt soms heel creatief gebruik maken van de locatie
om de beste configuratie te verkrijgen. We bouwen onze apparatuur
zelf en kennen onze plicht om met goede oplossingen te komen voor
zaken als energieverbruik, gewenste capaciteit, geluidsniveau,
veiligheid en beschikbare ruimte op locatie. Ook deze nieuwe
regelgeving voor CFK’s hebben we aangegrepen om onze klanten te
laten zien dat hun equipment kan worden onderhouden, aangepast, of
een upgrade kan krijgen, zonder dat dit een effect hoeft te hebben
op de dagelijkse bedrijfsvoering.”